Dat de auto als heilige koe van de vrije mens aan zijn succes bezwijkt, is een waarheid als een koe. De koe zelf kampt met hetzelfde euvel. Ook van dit melkproductiedier zijn er te veel.

Steeds verder warmen auto en koe in hun massaliteit de aarde op en verarmen de natuur. Vermindering is noodzakelijk, maar dat krijgt de overheid – politici en bestuurders – niet verkocht aan burgers en boeren.

Treffende uiting van deze stem des volks was het opzienbarende VVD-congres van 11 juni 2022. Dat sprak zich zowel uit tegen stevige verkleining van de veestapel als vóór verhoging van de maximumsnelheid naar 130 kilometer.

Tijdens dit liberale pandemonium werd even vergeten dat het blijven faciliteren van de blije rijders alleen nog mogelijk is door de veestapel in te krimpen. Voor dat vraagstuk staat nu de gemeente Boxtel om een noordelijke verbindingsweg naar haar bedrijventerrein Ladonk te kunnen aanleggen.

Het wegtracé loopt door het open landschap ten zuidwesten van het buurtschap Kalksheuvel. Op 1600 meter afstand van de Kampina, een Europees beschermd natuurgebied dat ernstig te lijden heeft onder een overmaat aan stikstof.

Met een wiskundige formule is berekend dat deze verkeersweg de Kampina met meer stikstof gaat belasten. Dat kan alleen als de vervuiling van het natuurgebied elders in de randzone afneemt.

Om dat voor elkaar te boksen neemt Boxtel stikstofrechten over uit een natuurvergunning die de provincie in 2016 verleende aan een veehouderij met 90.000 legkippen langs de Nieuwedijk in Oirschot. De gemeente deed hiervoor zaken met de betrokken veehouder die inmiddels met zijn bedrijf is gestopt.

Met dit systeem van salderen blijft de overheid economische ontwikkeling rond overbelaste natuurgebieden mogelijk maken.

Op basis van de provinciale regeling hiervoor doet Boxtel een nieuwe poging met het bestemmingsplan voor de verbindingsweg. Dat werd eerder door de Raad van State afgekeurd vanwege de negatieve gevolgen voor de Kampina.

De weg is onderdeel van een omvangrijk en veelbesproken lokaal verkeersproject dat erop is gericht om de beruchte dubbele overweg in het spoorwegknooppunt Boxtel af te sluiten. Daar komen ‘s lands drukste spoorlijn Amsterdam-Maastricht en de Brabantroute voor goederentreinen (Rotterdam-Venlo) samen. Spoorwegbeheerder Prorail wil al jaren af van dit knelpunt en de hogere overheden (rijk en provincie) betalen daarom mee aan het Boxtelse verkeersproject.

De overeenkomst tussen Boxtel en de Oirschotse veehouder zal haar beslag moeten krijgen in de natuurvergunning die het provinciebestuur van Brabant nog voor de verbindingsweg moet afgeven. Daarmee gaat een streep door de natuurvergunning van het kippenbedrijf aan de Nieuwedijk.

De vraag is echter of de provincie die vergunning destijds wel had mogen verlenen.

De legitimatie hiervoor vormden oude milieuvergunningen van twee andere Oirschotse veehouderijen die volgens het bevoegd gezag ‘nog overeenkomstig hun vergunning in werking konden zijn’. Dit zijn bedrijven die in 2016 feitelijk niet meer bestonden en dus ook de Kampina niet meer met stikstof vervuilden.

Eén boer, aan de Bremsteeg, was er al ‘omstreeks 2010 mee gestopt’, meldt diens adviseur in 2015 aan de gemeente Oirschot. Die had de milieuvergunning voor dit verdwenen bedrijf dus al lang kunnen en ook moeten intrekken.

Dat geldt evenzeer voor de vergunning van de andere gewezen varkenshouderij aan de Nieuwedijk waar zeker al sinds begin 2013 paarden worden gefokt en getraind.

Veehouderijen weg, vergunningen blijven

Omdat de gemeente dit naliet zijn ook de stikstofrechten die aan deze milieuvergunningen vastzaten in 2016 juridisch nog van kracht. Dat komt goed uit voor de betrokken Oirschotse kippenboer Van de Laar die volgens een bedrijfspresentatie in 2011 en 2012 nog zeer fors had uitgebreid en daarmee 250 procent meer stikstof was gaan uitstoten, zonder hiervoor een natuurvergunning te hebben.

Maar ook zijn eigen milieuvergunning blijkt ontoereikend. Twee keer weigert de provincie bij te springen met stikstofrechten uit haar eigen ‘depositiebank’.

Dat hier duidelijk iets niet klopt signaleert ook de gemeente Oirschot. Maar volgens de provincie vallen ‘deze aspecten buiten het wettelijk kader van de Natuurbeschermingswet uit 1998’. De aanvraag van dit bedrijf valt onder het overgangsrecht van deze wet die dan al is ingehaald door de beruchte PAS. Dat is de Programmatische Aanpak Stikstof waarmee vergunningen op de pof worden gegeven, vooruitlopend op toekomstig natuurherstel. Sinds de Raad van State deze kunstgreep in 2019 juridisch torpedeerde verkeert Nederland in een stikstofcrisis.

De zorg voor de overbelaste natuur speelt bij de nieuwe Boxtelse verbindingsweg nog steeds geen enkele rol. De Kampina schiet er niets mee op dat virtuele stikstofrechten worden rondgepompt om de weg tóch mogelijk te maken.

Fopspeen van het salderen

Deze fopspeen van het salderen gebruikte de provincie eerder om haar eigen Logistiek Park Moerdijk in West-Brabant mogelijk te maken. Daartoe overigens gelegitimeerd door de Raad van State.

En nu dan ligt in Boxtel op tafel de ‘koopovereenkomst stikstofemissieruimte ten behoeve van extern salderen’ tussen de gemeente en de Oirschotse veehouder Van de Laar. Dit document is onderdeel van het vastgestelde bestemmingsplan voor de verbindingsweg naar Ladonk waartegen beroep bij de Raad van State mogelijk is.

Ten grondslag aan deze overeenkomst van eind maart 2022 ligt een ‘fysieke controle’ die op 20 mei 2021 op de kippenhouderij Nieuwedijk werd uitgevoerd door DLV. Dat is de voormalige rijksdienst landbouwvoorlichting die in 2005 werd geprivatiseerd en thans te boek staat als ‘s lands grootste agrarische adviesdienst.

‘In werking’

De foto’s in het DLV-verslag tonen lege stallen en andere bedrijfsruimten die volgens de rapporteur nog zodanig zijn ingericht dat er ‘morgen’ weer 90.000 kippen kunnen worden gestald. Daarover bevraagd door de gemeente Boxtel, verbindt DLV aan deze toestand eind 2021 de conclusie dat ‘de inrichting in werking is conform de natuurvergunning uit 2016’.

Ter ziele

Dat de veehouderij in werkelijkheid al zo’n zeven maanden ter ziele is doet in dit verband niet ter zake. Het bedrijf kwalificeert zich volgens DLV voor de provinciale salderingsregering zodat Van de Laar de stikstofrechten via twee bv’s kan verkopen aan Boxtel én aan projectontwikkelaar Janssen de Jong die in dit contract ook van de partij is.

Stikstofrechten naar van alles

Blijkens de koopovereenkomst zijn de stikstofrechten van Nieuwedijk 19 in eerste instantie bedoeld voor drie projecten in Boxtel: de verbindingsweg naar Ladonk, het duurzame bedrijventerrein Green Tech Park Brabant en de uitbreiding van Lennisheuvel met zo’n 87 woningen (het plan Achter den Eingel). Maar de rechten kunnen ook worden doorverkocht ten faveure van vijf andere bouwprojecten in Boxtel (Ronduutje, Moorwijk), Liempde (Roderweg-Hamsestraat), Vlijmen (Geerpark) en Udenhout (Schoorstraat) voor in totaal zo’n 370 woningen. Voor verbreding van de A58 tussen Eindhoven en Tilburg kunnen eveneens rechten worden ingezet.

Met deze stikstoftransactie zijn dus veel belangen gemoeid.

Mistige handel

Wat de gemeente Boxtel en Janssen de Jong aan Van de Laar hebben betaald wordt geheim gehouden. De stikstofmarkt is mistige handel in rechten die zijn afgeleid van diverse vergunde rechten. Bedragen worden nooit genoemd op sites van vraag en aanbod. De speculatieve waarde varieert van 40 tot 1oo euro per kilo stikstof.

Uit het contract met Van de Laar blijkt dat in totaal 8257 kilo stikstof wordt aangekocht. Het leeuwendeel daarvan, 7514 kilo, gaat naar Boxtel. De resterende 743 kilo komt voor rekening van Janssen de Jong. Dertig procent van deze aangekochte kilo’s kunnen zij niet gebruiken voor hun projecten. Die moeten verplicht worden afgeroomd om op die manier de stikstofdruk op de natuur te verminderen. Dat gemeente en projectontwikkelaar wel voor die nutteloze kilo’s hebben betaald is ongebruikelijk in deze handel. Daar was DLV in haar stikstofberekeningen dan ook niet vanuit gegaan.

Omdat het leeuwendeel van de kilo’s in overheidshanden belandde, is bij deze transactie die naar schatting tussen de 316.000 tot 977.000 euro kostte, meteen al zo’n 117.000 tot 293.000 euro aan gemeenschapsgeld is verdampt.

Mocht het spaak lopen met de verbindingsweg en het groene bedrijvenpark, dan móét de gemeente de (afgeroomde) stikstofrechten wel doorverkopen om het in Oirschot gespendeerde geld te kunnen terugverdienen.

Juridisch zwak

De koopovereenkomst lijkt ook nog eens juridisch zwak in elkaar te steken. Zij ligt notarieel niet vast, waardoor afspraken en data van ondertekening niet onafhankelijk zijn geborgd. Het is een onderonsje tussen drie partijen dat bovendien pas zijn beslag kreeg toen de bewijslast hiervoor al 10 maanden oud was.

Wie het contract namens Boxtel heeft ondertekend, houdt de gemeente eveneens geheim. Zeer waarschijnlijk is dat de burgemeester, Ronald van Meygaarden, die in de aanhef wordt aangeduid als bevoegd gemeentelijk vertegenwoordiger. Ongewis is ook of aan het contract een besluit van het College van Burgemeester en Wethouders. ten grondslag ligt.

De kippenhouderij Nieuwedijk 19 is inmiddels met de grond gelijkgemaakt. De sloop van het bedrijfscomplex blijkt in februari 2022 te zijn gemeld bij de gemeente Oirschot, die geen sloopmeldingen publiceert. Het is dus nog maar de vraag of ‘op het moment van het sluiten van de overeenkomst tussen saldogever (Van de Laar) en saldo-ontvanger (gemeente Boxtel) hervatting van de activiteit (de veehouderij) nog mogelijk was’, zoals de provincie voorschrijft. Dit is één van de basisvoorwaarden voor saldering volgens artikel 2.7.2 van de Beleidsregel natuurbescherming Noord-Brabant.

De te salderen stikstofrechten moeten vervolgens worden toegerekend aan de projecten waarvoor ze zijn aangekocht. Dit krijgt zijn beslag in natuurvergunningen die de provincie hiervoor nog moet verlenen.

Dergelijke ingewikkelde materie is het domein van specialisten bij adviesbureaus aan wiens hand bestuurders en politici tegenwoordig lopen. Dat is in deze kwestie dus DLV die in haar werk ‘altijd is gericht op meer resultaat voor de agrarisch ondernemer’. DLV zit ook volop in de stikstofhandel.

Drie landhuizen

De Oirschotse kippenboer had al sinds het voorjaar van 2021 een uitgewerkt plan om op eigen grond drie landhuizen te kunnen bouwen. In 2019 had Van de Laar nog had gepoogd om zijn kippenbedrijf te verkopen. Het werd in de etalage gezet als modern en goed onderhouden, met ruime bebouwingsmogelijkheden. Maar hij raakte het niet kwijt.

De drie landhuizen worden mogelijk gemaakt via de provinciale regeling Ruimte voor Ruimte. De bouwtitels hiervoor koopt de boer via een ontwikkelingsmaatschappij bij de provincie. Deze rechten maakt de gestopte agrariër vervolgens te gelde door verkoop van bouwkavels die hem op eigen grond zijn toegewezen.

Aan Ruimte voor Ruimte, beter bekend als de huizen-voor-stallen-regeling, verbindt de provincie de harde voorwaarde dat ‘alle op de locatie rustende rechten en vergunningen ingetrokken moeten worden’, zo vermeldt de -tussentijdse – omgevingsverordening voor Brabant die in april 2022 is geactualiseerd. ‘Dit omvat alle aspecten’, waaronder ‘de Natura-2000 activiteit’.

‘Dit betekent ook dat er geen mogelijkheden bestaan om de op de locatie rustende rechten of toestemmingen te verhandelen of in te zetten op een andere locatie. De Ruimte voor Ruimte regeling gaat ervan uit dat alle toestemmingen zijn ingetrokken’, zo bepaalt de provincie.

Stikstofrechten zijn al weg

Logischerwijs volgt hier uit dat bij deelname aan de huizen-voor-stallen-regeling ook stikstofrechten al zijn geschrapt zodat er dus niets meer te verhandelen valt. Zo niet op Nieuwedijk 19. De Oirschotse kippenboer garandeert weliswaar dat hij niet deelneemt aan andere overheidsregelingen voor bedrijfsbeëindiging maar Ruimte voor Ruimte wordt hiervan in het contract met hem expliciet uitgezonderd.

Zijn deelname aan deze regeling staat inmiddels vast. De vraag is nu of de provincie in dit geval ook nog stikstofsaldering zal toestaan. Twee mogelijkheden hiervoor dienen zich aan:

Ten eerste: de strenge Ruimte voor Ruimte regels zijn 1 april 2022 ingevoerd, vijf dagen nadat projectontwikkelaar Janssen de Jong op 28 maart (deze datum is in het contract met de hand genoteerd) als laatste de koopovereenkomst ondertekende.

Ten tweede: de officiële omgevingsverordening voor Brabant treedt pas in werking op 1 januari 2023, mits de Eerste Kamer voor die tijd alsnog instemt met de Omgevingswet. Zo’n overgangsfase geeft speelruimte.

Passen en meten

Bij Van de Laar was het nog passen en meten om de landhuizen voor elkaar te boksen. Zij moeten namelijk verrijzen op een plek waar het leefklimaat volgens stank- en fijnstofnormen nog als ‘aanvaardbaar’ valt aan te merken en waar zij veehouderijen in de directe omgeving (zo’n zeven tot elf bedrijven) niet kunnen belemmeren in hun ontwikkeling.

De grootste vervuiler ter plaatse blijft het kippenopfokbedrijf (243.000 dieren in vijf stallen) van de familie Van de Laar(!) aan de overzijde van de Nieuwedijk. Dat stoot aanzienlijk meer stikstof uit dan de nu gesloopte veehouderij. Ook een fokkerij van vleeskalveren (822 dieren) maakt burgerbewoning lastig.

Gezondheidsrisico’s

Een kilometer van de nieuwe landhuizen staat een geitenhouderij met ruim 3500 dieren. Wie zo dichtbij deze infectiebron gaat wonen loopt een verhoogde kans op longontsteking, zo bleek uit nationaal gezondheidsonderzoek naar aanleiding van de Q-koortsepidemie die vooral Brabant trof.

Er zijn echter geen regels om daarom nieuwe burgerbewoning uit voorzorg niet toe te staan, want wetenschappelijk niet valide. Keurt de gemeente dit plan goed, dan aanvaardt zij ‘expliciet de benoemde gezondheidsrisico’s’, dekt Van de Laar zich juridisch op voorhand in tegen mogelijk onheil.

De bouwkavels op diens terrein zijn inmiddels zo gepositioneerd dat ze voldoen aan de geldende regels. Ze komen langs de Brandbeemdseweg, waar in het bestemmingsplan buitengebied nog geen enkele burgerwoning valt te bekennen. Dat met de drie landhuizen een bebouwingsconcentratie wordt afgerond zoals het bouwplan aangeeft, is een planologisch verzinsel.

De gemeente beschouwt dit woonwijkje niettemin als logische toevoeging aan het lint van burgerwoningen waarmee het buitengebied rond het Oirschotse kerkdorp Spoordonk is volgelopen. Het gevolg van ruimtelijke vrijbuiterij waar Oirschot twintig jaar geleden in grossierde. Boven de wet vierde hier hoogtij.

De contente burger rukt op

Dergelijke concentraties van opgerukte burgerbebouwing in agrarisch gebied vormen een ideale springplank voor toelating van landhuizen die zich via Ruimte voor Ruimte als een olievlek over Brabant verspreiden. Daarmee wordt agrarisch gebied steeds meer het domein van de contente burger met de gevulde beurs. Dat deze ruimtelijke normvervaging zich juist opstapelt in Oirschot is geen wonder.

Nog geen 300 meter van het kippenbedrijf aan de Nieuwedijk, wordt in 2016 op een onbebouwd weiland langs de Bremsteeg een Ruimte voor Ruimte-woning mogelijk gemaakt. Ten faveure van een aanpalende boer die al sinds 2010 met boeren was gestopt.

Daarmee voldoet hij niet aan de eis dat zijn veehouderij de voorafgaande drie jaar onafgebroken in bedrijf moet zijn geweest om aan Ruimte voor Ruimte te mogen meedoen. Die is bedoeld om oneigenlijk gebruik van deze stoppersregeling te voorkomen.

Toch mag het feest doorgaan. De provincie laat expliciet weten niet in te grijpen in het bestemmingsplan dat de veehouderij verandert in een ‘klusbedrijf’ en het landhuis mogelijk maakt. Dit plan wordt 4 mei 2016 gepubliceerd en is zes weken later juridisch onaantastbaar omdat niemand dit bij de rechter aanvecht.

De hand gelicht

Zes dagen later, op 10 mei 2016, publiceert de provincie de natuurvergunning voor het kippenbedrijf Nieuwedijk 19. Daarvoor gebruikt zij de milieuvergunning van de verdwenen veehouderij aan de Bremsteeg, zoals eerder in dit verhaal is beschreven. Die vergunning had echter al moeten zijn ingetrokken vóór toewijzing van de bouwkavel voor het landhuis. Met deze harde voorwaarde van Ruimte voor Ruimte werd hier ten provinciehuize dus de hand gelicht.

De gewezen boer aan de Bremsteeg vaart er wel bij. Diens bestaande woonboerderij met negen kamers en twee badkamers (formeel de bedrijfswoning bij het klusbedrijf) wordt in 2021 verkocht voor rond de miljoen euro, zo valt te lezen op makelaarswebsite Funda. Op de naastgelegen Ruimte voor Ruimte-kavel prijkt inmiddels een landhuis. Hier is kortom uitstekend geboerd!

De provincie regelde in Oirschot intussen nog een extra (derde) bouwkavel, 700 meter verder op een weiland aan de Broekstraat. Ten gunste van haar eigen ontwikkelingsmaatschappij Ruimte voor Ruimte die met de verkoop van zoveel mogelijk woningbouwrechten zoveel mogelijk moet zien terug te verdienen van de vele miljoenen waarmee de provincie zelf jaren geleden op grote schaal afbraak van veestallen financierde. Overal in Brabant resulteert dat in landhuizen. De drie landhuizen aan de Broekstraat zijn inmiddels gebouwd.

Megastal Logtsebaan komt er niet

De ontwikkelingsmaatschappij vervult in Oirschot thans een sleutelrol om te voorkomen dat even verderop aan de Logtsebaan 2, op 500 meter van de Kampina een megavarkensbedrijf komt. Dit is een veehouderij in ruste met een paar oude stallen. Maar wél op een bedrijfslocatie met uitbreidingsruimte die de gemeente in stand liet.

De Boxtelse boer Van Hal ziet er brood in, koopt in 2008 de veehouderij en krijgt in 2010, 2012 en 2013 vergunningen van gemeente en provincie voor 19.000 biggen. Maatschappelijke ophef en verzet zijn het gevolg. Tevergeefs. De vergunningen doorstaan tien juridische procedures, verspreid over 10 jaar.

Na zijn laatste overwinning bij de Raad van State begin 2021 lijkt Van Hal zelf niet meer te willen cq te kunnen beginnen aan de Logtsebaan. Hij zet het lege bedrijf met vergunningen – die zijn alleen al een half miljoen euro waard – te koop. En doet uiteindelijk zaken met ‘Ruimte voor Ruimte’ die hem eerder al wilde uitkopen maar de vraagprijs toen te hoog vond.

Overheidsrisico van 1,8 miljoen

Om deze toch nog prijzige operatie te kunnen bekostigen, moet de ontwikkelingsmaatschappij bouwrechten voor 15 landhuizen verkopen. Die zouden dan verrijzen op provinciale grond aan de oostrand van Middelbeers waar een nieuwe woonwijk in aantocht is. Mocht daar toch een kink in de kabel komen dan dokt de gemeente zelf 125.000 euro per bouwrecht dat de ontwikkelingsmaatschappij niet (tijdig) verkocht krijgt. Dat geld – maximaal 1,8 miljoen euro voor 15 bouwtitels – moet Oirschot dan zelf zien terug te verdienen, zo wordt voorgerekend aan de gemeenteraad. Die besluit op 21 juni 2022 unaniem om dit als beperkt gepresenteerde risico te nemen.

Politieke eenstemmigheid heerst deze avond ook over de Ruimte voor Ruimte-ontwikkeling aan de Nieuwedijk 19, waarbij de gemeente financieel geen risico loopt. Woningbouw op het terrein wordt omarmd als een verbetering van de ruimtelijke kwaliteit.

Wél is er enige zorg dat het Oirschotse buitengebied op deze manier volloopt met landhuizen. ‘Wij krijgen meer van dit soort oplossingen’, voorspelt verantwoordelijk wethouder Joep van de Ven. Want ‘Logtstebaan 2’ heeft wel duidelijk gemaakt dat lang niet iedere boer die dat wil ook zal worden uitgekocht met de overheidsmiljarden uit Den Haag.

Het kabinet vindt inmiddels dat de stikstofuitstoot rond de Kampina met 70 procent omlaag moet. Dat is te zien op de zogeheten ’emissiereductiedoelstellingenkaart’ voor Europees beschermde natuurgebieden die sterk verarmen onder de overmaat aan stikstof in de atmosfeer.

Deze kaart wordt 10 juni 2022 in politiek Den Haag gelanceerd en veroorzaakt grote opschudding onder boeren die dreigen te moeten verdwijnen geveegd. Ook enkele grote veehouderijen in de Boxtelse randzone van de Kampina staan in de gevarenzone.

En juist dáár wil de gemeente dan een nieuwe verbindingsweg aanleggen die méér stikstof genereert! Dat spoort bepaald niet met elkaar.

De kabinetskaart is nog in wording als Boxtel in maart 2022 van de landelijke commissie voor de milieueffectrapportage opdracht krijgt om de milieugevolgen van de verbindingsweg beter in beeld te brengen. De gemeente zet er vaart achter en laat in vier weken een aanvullend rapport aanrukken.

Vrachtwagenverbod als alternatief

In dit rapport prijkt ook een alternatief voor het nieuwe asfalt: een verbod voor vrachtverkeer om nog door of langs Kalksheuvel naar het bedrijventerrein Ladonk te rijden. Dat betreft dagelijks zo’n 300 vrachtwagens die door zo’n verbod zouden moeten omrijden om vanaf de A2 via de zuidelijke hoofdweg op Ladonk te kunnen komen. Kalksheuvel wordt dan een 30 kilometerzone.

Deze maatregel leidt in dit buurtschap tot een berekende verkeersafname van 2100 auto’s per dag. Dat is de helft minder dan met de verbindingsweg die meer verkeer afvangt en daarmee beter scoort voor de leefbaarheid in Kalksheuvel.

Al lang is duidelijk dat het bestuur van Boxtel dit vrachtwagenverbod niet serieus neemt. De gemeente nam deze verkeersmaatregel in Kalksheuvel al eens, maar werd toen teruggefloten door de rechter die vond dat zij dit beter had moeten voorbereiden. Een nieuwe poging bleef uit.

Sinds 2019 traineert het bestuur een opdracht van de gemeenteraad om deze optie verder te onderzoeken. Op 3 juni 2022 maken burgemeester en wethouders bekend dat er niets meer wordt onderzocht. Daarmee is het vrachtwagenverbod feitelijk geen alternatief meer voor de verbindingsweg.

Maar het staat wél nog steeds te boek als alternatief in het milieueffectrapport waarover de mer-commissie een dag eerder, op 2 juni, een positief advies geeft. Met die steun in de rug kan de gemeente straks haar voordeel mee doen tijdens hoger beroep van bezwaarmakers bij de Raad van State.

Voor welk verkeersprobleem biedt dit nieuwe asfalt nu een oplossing?

Het overgrote deel van de 7400 auto’s die dagelijks door Kalksheuvel rijden is lokaal verkeer, zo blijkt uit gemeentelijke cijfers. Na aanleg van de verbindingsweg en afsluiting van de dubbele overweg zijn dat er nog 2900. Over de nieuwe weg rijden straks 5400 auto’s per etmaal. Daarmee komt extra verkeer vanaf Oisterwijk en Haaren langs de Kampina Boxtel binnen.

Deze verbindingsweg kan echter veel meer verkeer verwerken: bijvoorbeeld ter ontsluiting van westelijke dorpsuitbreiding. Die hangt in Boxtel al 40 jaar boven de markt en wordt inmiddels opnieuw bekeken.

Invulling van de open ruimte die resteert tussen de weg en Kalksheuvel ligt daarbij voor de hand. Met het oog hierop is grondbezit in dit gebied nu al belangrijk.

Westelijke dorpsuitbreiding is echter alleen mogelijk als daar intensieve veehouderij verdwijnt. De stikstofoverlast op de Kampina moet immers substantieel afnemen.

Voorlopig worstelt Boxtel onverminderd verder met de huidige verkeersoverlast in het dorp. Zo’n 6400 auto’s persen zich dagelijks door woonbuurten over de dubbele overweg richting bedrijventerrein. De discussie over afsluiting van deze spoorovergang sleept zich al decennia voort. De gemeente begint daar pas aan nadat de noordelijke verbindingsweg er ligt.

Het bestuur heeft inmiddels officieel vastgelegd dat de dubbele overweg uiterlijk eind 2026 dicht zal zijn. Dan eindigt een tijdelijke verkeersmaatregel waarmee zij de druk op één van de zwaarst belaste straten in het dorpscentrum alvast wat wil verlichten.

Door deze Baroniestraat reden dagelijks 5700 tot 6600 auto’s akelig dicht langs de voorgevels van woningen. Via éénrichtingsverkeer wordt deze stroom inmiddels ingedamd en verspreid over twee andere aanrijroutes richting bedrijventerrein. De toenemende drukte aldaar blijft volgens verkeerskundigen op ‘acceptabele niveaus’.

De gemeenteraad die het bestuur tot de verkeersmaatregel aanzette, heeft zelf enige twijfel over de gevolgen en verlangt daarom een effectmeting na een jaar. Voorzien wordt namelijk dat automobilisten ‘uit gemakzucht allerlei sluiproutes gaan nemen’. Immers: ‘de praktijk is weerbarstiger dan men denkt’.

Tot een oproep aan weggebruikers om de auto vaker te laten staan en vooral niet door woonwijken naar het werk te blijven jakkeren, komt het ten gemeentehuize echter niet. Politici blijven doorgaans het onstuimig groeiende gebruik van de heilige koe toch vooral faciliteren.

Naast aanleg van de noordelijke verbindingsweg is ook ingezet op verbreding van de zuidelijke hoofdweg (Keulsebaan). Het bestemmingsplan hiervoor werd 3 augustus 2022 vernietigd. Volgens de Raad van State is deze wegverbreding niet nodig.

Ineens op losse schroeven

Serieus werk werd voorts gemaakt van een fietstunnel onder het spoorknooppunt waar nu nog de dubbele overweg ligt. Ook dit project is 3 augustus door de Raad van State afgeserveerd. Een drankenhandel/slijterij zou hierdoor het loodje leggen omdat de gemeente deze firma niet volledig wil uitkopen. Zij beperkte zich tot inlijving van het grote bedrijfsparkeerterrein dat nodig is om de tunnel te kunnen aanleggen. De drankenhandel wordt dan onbereikbaar en heeft daardoor geen bestaansrecht meer. De gemeente kan dit volgens de hoogste bestuursrechter niet maken.

De dubbele overweg in de Tongersestraat met rechts op de achtergrond het groengerande complex van drankenhandel-slijterij De Leijer/Boxly. Het enig zichtbare bedrijfsgebouw hier (rechterbovenhoek) is de historische mouttoren van de voormalige bierbrouwerij.

Onbetaalbaar

Feitelijk betekent deze terechtwijzing dat de gemeente het hele bedrijfscomplex zal moeten onteigenen om de fietstunnel alsnog mogelijk te maken. Dan betaalt zij de hoofdprijs voor grondverwerving en wordt de tunnel nóg duurder dan de 25 miljoen euro die hij volgens de laatste berichten al zou kosten als gevolg van explosieve prijsstijgingen. Die zouden ook de verbreding van de Keulsebaan onbetaalbaar maken.

Deze financiële onheilstijding wordt de Boxtelse politiek eerder deze zomer plotseling meegedeeld door de manager van het superverkeersproject dat samenhangt met sluiting van de dubbele overweg. Al het geld dat rijk, provincie en gemeente samen voor dit hele project uittrekken, is nodig om de noordelijke verbindingsweg naar bedrijventerrein Ladonk te kunnen aanleggen. Zo luidt de boodschap aan de vooravond van het hernieuwde besluit dat de raad op 13 juli 2022 neemt over het bestemmingsplan hiervoor.

De beroepsprocedure tegen dit bestemmingsplan loopt inmiddels. Gezien de fundamentele bezwaren daartegen wordt dit opnieuw een klus voor de Raad van State. Hiervoor wordt een versnelde procedure ingezet. Maar die snelheid moet inmiddels met een flinke korrel zout worden genomen, gezien de oplopende achterstanden in afhandeling van rechtszaken.

Ook de natuurvergunning nog

De kans bestaat dat de hoogste bestuursrechter zich op enig moment ook moet buigen over de natuurvergunning die de provincie nog voor de verbindingsweg moet afgeven. Basis hiervoor is de stikstofdeal tussen gemeente en boer Van de Laar. Als de provincie die accepteert, in tegenspraak met haar Ruimte voor Ruimte-regels, is het aan de natuur- en milieubeweging om daartegen beroep aan te tekenen bij de Raad van State. De Brabantse Milieufederatie en Natuurmonumenten als eigenaar-beheerder van de Kampina zijn hiervoor de meest aangewezen instanties. Zij trokken eerder samen op tegen de megaveehouderij aan de Logtsebaan. Als deze bondgenoten ook de handschoen opnemen tegen de verbindingsweg betekent dat een nieuwe beroepsprocedure met haar eigen tijdsbeslag.

Het lot van de verbindingsweg is daarmee nog geruime tijd onzeker. De dubbele overweg blijft ondertussen open en zal onverminderd openblijven als deze weg niet doorgaat.

Het is onvermijdelijk dat politiek en bestuur in Boxtel zo’n debâcle nu al onder ogen zien en publiekelijk met elkaar bespreken. Dat wordt een zware oefening in geloofwaardigheid.

(lees verder over drie Boxtelse nederlagen op een rij bij de rechter in onderstaande verhaal op deze site)